Artikel 961/1 Ger.W. bepaalt dat de rechter van derden verklaringen in schriftelijke vorm mag aannemen die hem inzicht kunnen verschaffen in de betwiste feiten waarvan zij persoonlijk weet hebben.
Deze schriftelijke getuigenverklaring is wel aan een aantal inhoudelijke vereisten onderworpen.
Overeenkomstig artikel 961/2 Ger.W. dient de schriftelijke getuigenverklaring volgende elementen te bevatten:
Tot slot is vereist dat de schriftelijke verklaring door de getuige wordt geschreven, gedagtekend en ondertekend. De getuige moet daarenboven als bijlage een fotokopie van zijn identiteitskaart of verblijfsvergunning toevoegen.
De regeling inzake het schriftelijke getuigenbewijs sluit de mogelijkheid echter niet uit dat de rechter alsnog tot verhoor van de getuige overgaat. In zulk geval heeft de schriftelijke getuigenverklaring nog steeds als voordeel dat de rechter zich bij diens verhoor tot de meest essentiële punten kan beperken.
Vanzelfsprekend kan het schriftelijk getuigenbewijs slechts als bewijs middel worden aangewend in de gevallen waarin het bewijs door getuigen toelaatbaar is.
Een schriftelijke getuigenverklaring kan ook slechts worden afgelegd door personen die aan de wettelijke voorwaarden voldoen om als getuige te worden gehoord
Via onze blog en inzichten delen we actuele ontwikkelingen, praktische tips en inzichten uit de juridische wereld. In heldere bewoordingen geven we duiding omtrent thema’s die voor u relevant zijn en nemen we u mee in wat er leeft binnen ons vakgebied.
Heeft u een juridische vraag of wenst u advies op maat? Wij nemen de tijd om uw situatie grondig te bespreken. Aangezien elke zaak uniek is, plannen wij consultaties steeds op afspraak.
