Niet-concurrentieverplichting bestuurder

Wanneer ruzie binnen een vennootschap ontstaat of deze vennootschap stopt, komt het voor dat één van de zaakvoerders of bestuurders een nieuwe vennootschap opricht, teneinde de oude vennootschap rechtstreeks te beconcurreren. Dit is echter niet zonder risico.

Hoewel er naar Belgisch recht geen expliciete niet-concurrentieverplichting voortvloeiend uit de hoedanigheid van bestuurder of zaakvoerder bestaat, wordt algemeen aanvaard dat op de bestuurder tegenover de vennootschap de verplichting rust om diens verbintenissen te goeder trouw uit te voeren. (B. TILLEMAN, Bestuur van vennootschappen, Brugge, die Keure, 2006, 94)

Artikel 1134, derde lid B.W. legt immers alle medecontractanten de verplichting op de verbintenissen die ze aangaan te goeder trouw ten uitvoer te brengen.

De algemene vergadering heeft evenwel de mogelijkheid om voorafgaandelijk uitdrukkelijk afstand te doen van het concurrentieverbod. Op deze wijze doet ze afstand van het recht om de bestuurder in rechte aan te klagen wegens schending van de loyauteitsplicht. (R. VAN BOVEN, “De vrije beroepsbeoefenaar en de professionele vennootschap”, Not.Fisc.M. 2003, afl. 5-6, 131)

In de rechtsleer wordt aangenomen dat de draagwijdte van het niet-concurrentieverbod in beginsel slechts slaat op de effectief door de vennootschap uitgeoefende activiteiten en zich niet noodzakelijk uitstrekt tot alle activiteiten die in het statutaire doel van de vennootschap zijn omschreven. (B. TILLEMAN, o.c., Brugge, die Keure, 2006, 96)

Of de draagwijdte van het concurrentieverbod zich uitstrekt tot een ondernemingskans (“corporate opportunity”), is bediscussieerd. Aangenomen mag echter worden dat het nemen van een ondernemingskans een fout kan uitmaken, wanneer de raad van bestuur van de betrokken vennootschap deze niet heeft vrijgegeven, ook al wordt deze kans niet gebruikt om de vennootschap concurrentie aan te doen. (H. DEWULF, Taak en loyauteitsplicht van het bestuur in de naamloze vennootschap, Antwerpen, Intersentia, 2002, 773-782)

Het niet naleven van de niet-concurrentieverplichting kan tot aansprakelijkheid en bijgevolg schadevergoeding leiden. Het verdient derhalve aanbeveling zich professioneel te laten bijstaan, alvorens dergelijke beslissingen te nemen.

De Mulder advocaten heeft een ruime ervaring in het ondernemingsrecht. U kan ons steeds contacteren voor een eerste advies terzake.

Consultatie na afspraak

Heeft u een juridische vraag of wenst u advies op maat? Wij nemen de tijd om uw situatie grondig te bespreken. Aangezien elke zaak uniek is, plannen wij consultaties steeds op afspraak.